ECLI:NL:CRVB:2019:3720
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging zorgvuldig verzekeringsgeneeskundig onderzoek en arbeidsongeschiktheidsbeoordeling
Appellante, woonachtig in België, ontving sinds 1989 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80% of meer. Na een herbeoordeling en medisch onderzoek door een Belgisch orgaan en het Uwv werd geconcludeerd dat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt is, waarna haar uitkering werd ingetrokken.
De rechtbank vernietigde het besluit vanwege onvoldoende betrokkenheid van medische gegevens in bezwaar, maar handhaafde de rechtsgevolgen. In hoger beroep betoogde appellante dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en haar beperkingen werden onderschat, mede vanwege medicatiegebruik en aanvullende medische verklaringen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was, dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld en dat de medicatie geen extra beperkingen rechtvaardigt. De arbeidsdeskundige concludeerde dat appellante de geselecteerde functies kan vervullen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd.