Uitspraak
19.1444 PW, 19/1445 PW
mr. S. Dijkman Dulkes-Wan.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en had een bijschrijving van €360,- op zijn bankrekening ontvangen, bestempeld als lening, die hij direct aan een deurwaarder betaalde. Het college verrekende dit bedrag met de bijstand en legde een boete op wegens het niet melden van deze bijschrijving.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat hij niet vrijelijk over het bedrag kon beschikken omdat het direct aan de deurwaarder was betaald en dat de verrekening en boete disproportioneel zijn.
De Raad oordeelde dat de lening als middel moet worden beschouwd, ook al verhoogt dit de schuldenlast van appellant. De schending van de inlichtingenplicht was verwijtbaar en de boete, verhoogd wegens recidive, was proportioneel. Er waren geen dringende redenen om van de boete af te zien.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom het bestreden besluit en de opgelegde boete, waarmee de rechtmatige toestand wordt hersteld en de sanctie passend is.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verrekening van de lening als middel en handhaaft de boete wegens schending van de inlichtingenplicht met recidiveverhoging.