ECLI:NL:CRVB:2013:CA0086
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- M. Hillen
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens verzwegen bankrekeningen en niet-naleving inlichtingenplicht
Betrokkene ontving vanaf 1997 bijstand op grond van de WWB. Naar aanleiding van een onderzoek naar de verkoop van elektronica via marktplaats.nl en het verzwegen van meerdere bankrekeningen, trok het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk de bijstand in en vorderde de kosten terug. De rechtbank had de intrekking en terugvordering over de eerste drie periodes deels vernietigd, omdat de ING-rekening toebehoorde aan de zoon van betrokkene en betrokkene daar niet over kon beschikken.
Het hoger beroep van appellant richtte zich tegen deze oordelen. De Centrale Raad oordeelt dat betrokkene wel beschikte over de tegoeden op de ING-rekening in de eerste twee periodes en dat het ontbreken van bankafschriften de vaststelling van het recht op bijstand onmogelijk maakte. Voor de derde periode blijft het oordeel van de rechtbank dat de rekening feitelijk door de zoon werd gebruikt, gehandhaafd.
Verder oordeelt de Raad dat de kosten van inkoop van goederen niet in mindering kunnen worden gebracht op de inkomsten uit verkoop, conform vaste rechtspraak. De bezwaarkostenvergoeding en wegingsfactor zijn eveneens herzien. De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond voor de eerste twee periodes en het besluit van 2 september 2011, bevestigt het beroep ongegrond voor periode 3 en veroordeelt appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard voor de eerste twee perioden en periode 3, met vernietiging van het vonnis voor de eerste twee perioden en bevestiging van de intrekking en terugvordering van bijstand.