Uitspraak
18.3189 MAW
30 april 2018, 17/4175 (aangevallen uitspraak)
mr. drs. A.J. Verdonk.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 2000 werkzaam bij de Koninklijke Luchtmacht en heeft vanaf 2007 schade geleden door het niet tijdig aanbieden van een gewenste functie. Na diverse besluiten en procedures werd de onrechtmatigheid vastgesteld in het aanvankelijke niet aanbieden van de functie, maar niet met terugwerkende kracht vóór 1 april 2012.
De staatssecretaris bood appellant uiteindelijk de functie aan met ingang van 1 april 2012, wat door de Raad als rechtmatig werd beoordeeld. Het verzoek om schadevergoeding wegens het voorafgaand onthouden van de functie werd daarom afgewezen.
De Raad bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank en oordeelt dat het verzoek om schadevergoeding geen verband houdt met de onrechtmatigheid die is hersteld. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen omdat de onrechtmatigheid niet met terugwerkende kracht vóór 1 april 2012 lag.