Uitspraak
19 5049 ZW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, laatstelijk werkzaam als uitkeringsdeskundige, meldde zich ziek met psychische klachten en ontving een Ziektewetuitkering. Na een eerstejaars beoordeling werd vastgesteld dat hij meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen, waarna de uitkering werd beëindigd. Na bezwaar en beroep werden enkele beperkingen aangepast, maar bleef de conclusie dat appellant geen recht had op ziekengeld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de functionele mogelijkheden juist waren vastgesteld. In hoger beroep voerde appellant aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische klachten en verslavingsproblematiek, onderbouwd met diverse medische stukken.
De Raad oordeelt dat het medisch onderzoek adequaat was en dat de verzekeringsartsen de psychische problematiek voldoende in acht hebben genomen. De verslavingsproblematiek leidt niet tot extra beperkingen omdat deze niet objectief medisch is vastgesteld als ziekte of gebrek. De Raad bevestigt het bestreden besluit en wijst het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering en wijst het hoger beroep af.