ECLI:NL:CRVB:2021:1550
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van pensioenuitkering als inkomen voor AIO-aanvulling
Appellante ontving een aanvullende pensioenuitkering die zij eind 2016 uit haar lijfrenteverzekering bij Nationale Nederlanden had omgezet. Deze uitkering wordt jaarlijks achteraf betaald en betreft een periode waarover zij bijstand ontving. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) bracht deze betaling in mindering op de AIO-aanvulling, wat leidde tot een terugvordering.
Appellante stelde dat deze uitkering als vermogen moest worden gezien, omdat het een uitbetaling van gespaard lijfrentekapitaal betreft. De Raad toetste dit aan de bepalingen van de Participatiewet (PW) en concludeerde dat de betaling voldoet aan de criteria van inkomen, omdat het periodiek wordt ontvangen en betrekking heeft op de bijstandperiode.
De Raad verwierp het beroep van appellante en bevestigde het bestreden besluit van de Svb. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 21 juni 2021.
Uitkomst: De jaarlijkse pensioenuitkering wordt als inkomen beschouwd en in mindering gebracht op de AIO-aanvulling.