ECLI:NL:CRVB:2021:1764
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking van behandelend rechter in hoger beroep sociaal zekerheidsrecht afgewezen
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant en tijdens de zitting een verzoek om wraking van de behandelend rechter ingediend. Verzoeker stelde dat de rechter mogelijk vooringenomen was omdat een gemachtigde van de Sociale Verzekeringsbank niet aanwezig was en hij vermoedde dat niet alle stukken waren overgelegd.
De Centrale Raad van Beroep heeft overwogen dat wraking alleen kan worden toegewezen bij feiten of omstandigheden die een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. Procedurele beslissingen, zoals het niet oproepen van een getuige, vormen geen grond voor wraking. Verzoeker heeft geen concrete aanwijzingen gegeven dat de rechter onpartijdig zou zijn.
De Raad concludeerde dat de vrees van verzoeker niet objectief gerechtvaardigd is en wees het wrakingsverzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is uitgesproken door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 21 juli 2021.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van de behandelend rechter is afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.