ECLI:NL:CRVB:2021:1983
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking WW-uitkering wegens verwijtbare werkloosheid na overtreding depotreglement
Betrokkene was sinds 1980 in dienst bij [BV] als personenvervoerder met een persoonsgebonden depot voor vervoersbewijzen. Na meerdere overtredingen van het depotreglement, waaronder een ernstige waarschuwing in 2016 en een depotcontrole in maart 2017 waarbij betrokkene geen inzage kon geven, heeft [BV] de arbeidsovereenkomst ontbonden wegens dringende reden.
Het Uwv trok de WW-uitkering van betrokkene in per 1 september 2018 wegens verwijtbare werkloosheid, omdat betrokkene de gedragsregels had overtreden. De rechtbank had dit besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering en het meewegen van persoonlijke omstandigheden zoals het lange dienstverband.
De Centrale Raad van Beroep herroept de uitspraak van de rechtbank en bevestigt dat de overtreding van het depotreglement een dringende reden vormt voor ontslag en verwijtbare werkloosheid. De Raad benadrukt dat betrokkene meerdere waarschuwingen had ontvangen en dat de ernst van de overtreding zwaarder weegt dan de gevolgen van ontslag. Het beroep tegen het intrekkingsbesluit wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De WW-uitkering van betrokkene is terecht ingetrokken wegens verwijtbare werkloosheid na ernstige overtreding van het depotreglement.