Uitspraak
19 3159 PW, 19/3160 PW, 19/3161 PW, 19/3860 PW, 19/4143 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak, voor zover aangevochten;
- verklaart het beroep tegen de nadere besluiten ongegrond.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder met een niet-rechthebbende partner die in België woonde. Het college trok de bijstand met ingang van 1 januari 2015 in vanwege onvoldoende inzicht in de financiële situatie. Appellante vroeg terugkeer van het intrekkingsbesluit en diende een nieuwe aanvraag in, die eveneens werd afgewezen.
De Raad beoordeelde dat appellante onvoldoende bewijs leverde over haar inkomsten en leningen van vrienden en familie. De schuldverklaringen waren achteraf opgesteld, niet verifieerbaar en boden geen concrete terugbetalingsverplichting. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat zij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde.
De Raad bevestigde dat de inlichtingenverplichting was geschonden en dat het college terecht de bijstand introk en de aanvraag afwees. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van bijstand en afwijzing van de aanvraag bevestigd.