ECLI:NL:CRVB:2021:362
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens toerekenbaar plichtsverzuim van leidinggevende ambtenaar
Appellant, sinds 1981 werkzaam bij de gemeente Haarlem in een leidinggevende functie, werd ontslagen wegens plichtsverzuim. Dit volgde op een cultuuronderzoek en een integriteitsonderzoek naar zijn handelen, waarbij bleek dat hij jarenlang nevenwerkzaamheden niet had gemeld, gelden aan gemeentelijke controle had onttrokken en gemeentelijke eigendommen privé gebruikte.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het ontslagbesluit ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat hij niet bekend was met alle regels en dat binnen de afdeling een cultuur bestond waarin regels niet werden nageleefd. Ook voerde hij aan dat zijn gedragingen niet toerekenbaar waren vanwege ADHD en autisme.
De Raad verwierp deze verweren. De regels waren duidelijk en appellant was verantwoordelijk voor zijn handelen, zeker gezien zijn leidinggevende positie. De medische klachten maakten niet dat hij de ontoelaatbaarheid van zijn gedrag niet kon inzien. De Raad oordeelde dat het ontslag niet onevenredig was gezien de ernst van het plichtsverzuim en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijke ontslag wegens toerekenbaar plichtsverzuim wordt bevestigd.