Uitspraak
20.647 AW
OVERWEGINGEN
- meermalen ongevraagd haar been te strelen en/of haar been vast te houden en/of haar over haar rug te strelen/wrijven;
- haar te vertellen dat hij van vrouwen met dikke billen houdt, zoals zij;
- haar intimiderend toe te spreken;
- haar te vertellen dat hij een WhatsApp-foto van haar heeft opgeslagen op zijn (dienst)telefoon, omdat haar borsten daar beter op uitkomen en daarna geen gehoor te geven aan haar verzoek die foto te verwijderen;
- haar om een knuffel te vragen;
- als zij bezig was met haar schoonmaakwerkzaamheden, opeens bij/in het herentoilet te komen staan om al dan niet ‘te plassen’;
- haar meermalen ongevraagd ongepaste WhatsApp-berichten te zenden;
- haar de laatste keer dat hij haar een lift gaf, te vragen of hij met haar naar bed mocht.
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak voor zover daarbij het beroep tegen het besluit van 11 april 2019 ongegrond is verklaard;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 11 april 2019 gegrond en vernietigt dat besluit voor zover daarbij onvoorwaardelijk strafontslag is verleend en voor zover daarbij in het kader van het ontslag op andere gronden is geweigerd appellant enige aanspraak op een ontslaguitkering toe te kennen;
- kent aan appellant ter zake van het ontslag op andere gronden een ontslaguitkering toe zoals weergegeven in overweging 4.17;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het besluit van 11 april 2019;
- veroordeelt het bestuur in de kosten van appellant tot een bedrag van € 3.204,-;
- bepaalt dat het bestuur aan appellant het door hem in beroep en in hoger beroep betaalde