ECLI:NL:CRVB:2021:857
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
In deze zaak heeft appellant verzet ingesteld tegen de beslissing van de Centrale Raad van Beroep waarin het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het te laat indienen van het hogerberoepschrift.
Appellant voerde aan dat het hogerberoepschrift tijdig was verzonden op 3 februari 2020 en bracht een kopie van een agenda als bewijsstuk in. Daarnaast stelde appellant dat er regelmatig problemen zijn met de postbezorging op zijn adres.
De Raad oordeelde dat het hogerberoepschrift dat daadwerkelijk werd ontvangen, was gedateerd en verstuurd op 19 februari 2020, wat na de uiterste termijn van 3 februari 2020 lag. De kopie van de agenda werd onvoldoende geacht als bewijs van tijdige verzending. Ook de algemene opmerkingen over postbezorgingsproblemen konden niet leiden tot een ander oordeel.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 16 april 2021.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens overschrijding van de termijn.