ECLI:NL:CRVB:2022:107
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand en boete wegens schending inlichtingenverplichting
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Participatiewet, maar maakten geen melding van inkomsten uit de verkoop van goederen via internet, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen trok de bijstand in en vorderde de onterecht ontvangen bedragen terug, inclusief een boete wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze terugvordering en boete ongegrond, en in hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. Appellanten voerden aan dat de terugvordering disproportioneel was en dat zij recht hadden op aanvullende bijstand bij correcte melding, maar zij konden dit niet aannemelijk maken.
De Raad oordeelde dat de boete terecht was opgelegd op basis van normale verwijtbaarheid en dat het benadelingsbedrag correct was vastgesteld. Er was geen reden om de boete te matigen of het benadelingsbedrag te verlagen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand en boete worden bevestigd.