ECLI:NL:CRVB:2022:1343
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding wegens niet geschonden zorgplicht bij bikertraining gemeente Utrecht
Appellant, werkzaam als buitengewoon opsporingsambtenaar bij de gemeente Utrecht, raakte tijdens een bikertraining in september 2017 gewond bij een valpartij. Hij kon zijn oorspronkelijke werkzaamheden niet meer verrichten en werd herplaatst. Het college erkende het ongeval als dienstongeval en vergoedde bepaalde kosten, maar weigerde verdere schadevergoeding omdat het zijn zorgplicht niet zou hebben geschonden.
De rechtbank wees het verzoek van appellant om aanvullende schadevergoeding af, stellende dat het college alle redelijkerwijs te vergen maatregelen had genomen. De training werd verzorgd door een gekwalificeerd bedrijf met een gekwalificeerde instructeur, inclusief een intake en veiligheidsvoorzieningen zoals helm en veiligheidsschoenen. De instructeur begeleidde de training adequaat, en de val gebeurde toen appellant zonder begeleiding een trap afreed.
In hoger beroep stelde appellant dat het college tekort was geschoten door het parcours niet zelf te inspecteren en de bikertraining niet in de risico-inventarisatie en -evaluatie op te nemen. De Raad volgde dit niet en bevestigde dat het niet formeel vereist is dat het college het parcours vooraf keurt of dat de training in de risico-inventarisatie moet staan. De zorgplicht strekt niet zover dat het college het door een gekwalificeerde instructeur beoordeelde parcours zelf moet goedkeuren.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van schadevergoeding wordt bevestigd.