Uitspraak
OVERWEGINGEN
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante, geboren in 1953, verhuisde eind 2009 met haar echtgenoot naar Spanje. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde vast dat zij van 31 maart 2011 tot en met 20 januari 2016 niet verzekerd was voor de AOW omdat zij haar normale woonplaats in Spanje had en niet in Nederland. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze beslissing ongegrond.
Appellante voerde aan dat zij een duurzame persoonlijke band met Nederland had en grotendeels in Nederland verbleef, onder meer door werkzaamheden en familiecontacten. De Raad oordeelde echter dat appellante onvoldoende objectief bewijs leverde om de eerdere vaststelling van de verzekeringstijdvakken te weerleggen. Zij was uitgeschreven uit de Nederlandse Basisregistratie Personen en had zich fiscaal als buitenlands belastingplichtige aangemeld.
De Raad benadrukte dat op grond van EU-verordeningen de woonplaats bepalend is voor de toepasselijke wetgeving en dat appellante haar gewone centrum van belangen in Spanje had. De rechtbank gebruikte onterecht het begrip ingezetene, maar dit deed niet af aan de juiste uitkomst. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante in 2011-2016 niet verzekerd was voor de AOW vanwege haar woonplaats in Spanje.