Uitspraak
21 3638 AW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam bij de gemeente Pijnacker-Nootdorp, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder het ongeoorloofd bezoeken van de sportschool tijdens werktijd zonder correcte urenregistratie, en het geven van onjuiste verklaringen toen hij hiermee geconfronteerd werd.
Na eerdere waarschuwingen en een schorsing volgde het ontslagbesluit van het college, dat door appellant werd aangevochten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het plichtsverzuim aan appellant toe te rekenen was en het ontslag niet onevenredig.
In hoger beroep handhaaft de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad benadrukt dat appellant bewust en berekenend te werk ging, ondanks eerdere waarschuwingen, en dat zijn persoonlijke omstandigheden onvoldoende onderbouwing bieden om de maatregel als onevenredig te beschouwen.
De Raad concludeert dat het vertrouwen in appellant ernstig is geschaad en bevestigt het ontslagbesluit. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd als niet onevenredig.