ECLI:NL:CRVB:2022:2202
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening kinderbijslaguitspraak wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoekster heeft verzocht om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 15 november 2018, waarin haar bezwaar tegen de afwijzing van kinderbijslag voor haar zoon werd afgewezen omdat de zoon ouder was dan 18 jaar.
De Sociale Verzekeringsbank had de aanvraag afgewezen en het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Zowel de rechtbank Amsterdam als de Raad bevestigden deze beslissing. Eerdere verzoeken om herziening werden reeds afgewezen of niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan nieuwe feiten of onredelijke termijnoverschrijding.
Bij het huidige verzoek overlegt verzoekster medische stukken van een ziekenhuisopname in 2021, maar deze bevatten geen feiten of omstandigheden die voldoen aan de wettelijke criteria voor herziening volgens artikel 8:119 Awb Pro. De Raad oordeelt dat het verzoek feitelijk een hernieuwde discussie over de eerdere uitspraak beoogt, wat niet is toegestaan.
Daarom wordt het verzoek om herziening afgewezen zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak over kinderbijslag wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten en omstandigheden.