Uitspraak
21.1467 AW, 21/1468 AW, 21/2448 AW, 21/2449 AW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was ambtenaar bij de gemeente Amsterdam en had toestemming voor nevenwerkzaamheden als bestuurslid van een onderwijsstichting. Na signalen over antidemocratische gedragingen binnen deze stichting en een onderzoek naar onjuiste verlofregistratie, trok het college de toestemming voor nevenwerkzaamheden in en legde appellant een schorsing op.
Ondanks herhaalde verzoeken weigerde appellant zijn nevenfunctie neer te leggen. Tevens werd vastgesteld dat appellant over meerdere jaren structureel meer verlofuren had opgenomen dan toegestaan zonder correcte registratie. Het college legde daarom een disciplinaire straf van ontslag op wegens plichtsverzuim.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat het college bevoegd was de toestemming in te trekken vanwege onaanvaardbare risico’s op belangenverstrengeling en dat het plichtsverzuim van appellant ernstig was. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.