Uitspraak
22.1829 WLZ, 22/1830 WLZ, 22/1831 WLZ, 22/2821 WLZ, 22/2822 WLZ
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart de beroepen tegen het besluit van 1 juli 2021 en het beroep niet tijdig beslissen niet-ontvankelijk.
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een intrekkingsbesluit van een persoonsgebonden budget (pgb) verleend aan een budgethouder voor de jaren 2019 en 2020, waarbij het zorgkantoor een bedrag van € 67.959,15 terugvorderde wegens niet-naleving van pgb-verplichtingen.
Betrokkenen, waaronder zorgverleners en bewindvoerders, maakten bezwaar en beroep tegen het besluit, maar de rechtbank verklaarde hen belanghebbenden en vernietigde het besluit. Het zorgkantoor stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat betrokkenen niet als belanghebbenden in de zin van artikel 1:2 Awb Pro kunnen worden aangemerkt omdat hun belangen niet rechtstreeks bij het besluit zijn betrokken. De financiële gevolgen van het besluit betreffen uitsluitend de relatie tussen budgethouder en zorgkantoor. Het hoger beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.
Uitkomst: De beroepen tegen het intrekkingsbesluit en het beroep niet tijdig beslissen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van rechtstreeks belang.