ECLI:NL:CRVB:2022:2519
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding e-bike kosten wegens geen bijzonder geval onder Barp
Appellante, werkzaam bij de politie, werd eervol ontslagen wegens ongeschiktheid door PTSS, erkend als beroepsziekte. Zij verzocht om vergoeding van de kosten van een e-bike, ondersteund door een medische verklaring dat zij om gezondheidsredenen niet op een gewone fiets kan fietsen.
De korpschef wees het verzoek af omdat de kosten niet als noodzakelijk gemaakte kosten van geneeskundige behandeling of verzorging kwalificeren volgens artikel 54 van Pro het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp), en ook niet als een bijzonder geval onder artikel 53 van Pro het Barp. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid een bijzonder geval vormt, maar de Raad oordeelde dat artikel 54 van Pro het Barp hierop betrekking heeft en dat de hardheidsclausule in artikel 53 restrictief Pro wordt toegepast. De aanvullende WIA-uitkering tot 95% van haar salaris bevestigt de afwijzing.
Ook verwees appellante naar een eerdere uitspraak over een pilot met buddyhonden, maar de Raad vond geen gedragslijn die vergoeding van e-bike kosten rechtvaardigt. Het hoger beroep wordt verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Verzoek om vergoeding van e-bike kosten wordt afgewezen wegens geen bijzonder geval onder Barp.