ECLI:NL:CRVB:2022:2800
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inschaling ambtenaar op salarisschaal 11 ondanks betwisting hoger niveau
Appellant, werkzaam als ambtenaar, betwistte zijn inschaling op salarisschaal 11 en stelde dat hij op een hoger niveau functioneerde, minimaal salarisschaal 13 of 14. De minister had hem ontslagen wegens onbekwaamheid, maar dit ontslag werd in 2015 vernietigd, waarna het dienstverband met terugwerkende kracht werd hersteld.
In het bestreden besluit van december 2017 verklaarde de minister de bezwaren van appellant tegen diverse besluiten over zijn inschaling en salaris onterecht. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, stellende dat de inschaling op schaal 11 rechtmatig was en appellant onvoldoende bewijs leverde van functioneren op een hoger niveau.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij hoger had moeten worden ingeschaald, onder meer op basis van een rapport van Innovision Consult en een eerdere voorgenomen functieplaatsing. De Raad concludeerde dat deze argumenten onvoldoende waren onderbouwd en dat het rapport geen bewijs leverde van geschiktheid voor hogere functies. Ook de latere bevordering naar schaal 14 vanaf 2019 wijzigde niets aan de rechtmatigheid van de eerdere inschaling.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de inschaling op salarisschaal 11 wordt bevestigd.