Uitspraak
22.1660 WIA-PV
BESLISSING
6 januari 2022, ECLI:NL:CRVB:2022:66). In het dossier bevinden zich geen aanknopingspunten om te oordelen dat hiervan sprake was op de datum in geding.
Centrale Raad van Beroep
Appellant maakte bezwaar tegen de vaststelling van zijn mate van arbeidsongeschiktheid door het UWV, waarbij een loongerelateerde WGA-uitkering werd toegekend op basis van een arbeidsongeschiktheid van 40,36% in plaats van 50,49% zoals appellant betoogde.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde de vaststelling van het UWV. Appellant stelde in hoger beroep dat onvoldoende rekening was gehouden met klachten door alcoholmisbruik, maar leverde geen aanvullende onderbouwing.
De Centrale Raad van Beroep nam de overwegingen van de rechtbank over en verwees naar vaste jurisprudentie dat een verslaving aan verdovende middelen of alcohol op zich niet als ziekte of gebrek wordt aangemerkt, tenzij daaruit gebreken voortvloeien of klinische opname noodzakelijk is. In het dossier waren geen aanwijzingen voor dergelijke omstandigheden op de datum van vaststelling.
De Raad bevestigde daarom de beslissing van het UWV en de rechtbank, waarmee de mate van arbeidsongeschiktheid definitief op 40,36% werd vastgesteld en het recht op een loongerelateerde WGA-uitkering werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid op 40,36% en het recht op een loongerelateerde WGA-uitkering.