Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van 10 april 2018 waarbij de maatwerkvoorziening individuele begeleiding was herzien. Het college van burgemeester en wethouders van Waterland verklaarde het bezwaar ongegrond en baseerde dit op een onderzoek dat bestond uit het raadplegen van algemene informatie van het Nederlands Astmacentrum Davos (NAD) en het stellen van algemene vragen aan een medewerker van het NAD.
Appellant stelde dat het college onvoldoende onderzoek had verricht en geen contact met hem had gezocht, wat volgens hem niet voldeed aan de uitspraak van de Raad van 7 april 2021. De Raad oordeelde dat het college inderdaad geen gedegen onderzoek had gedaan naar de concrete zorg die appellant in het NAD ontving en in hoeverre deze zorg aansloot bij zijn hulpvraag.
Omdat het college niet ter zitting was verschenen om nadere uitleg te geven, besloot de Raad zelf in de zaak te voorzien. Het besluit van 10 april 2018 werd herroepen voor zover het de maatwerkvoorziening individuele begeleiding betrof. De Raad bepaalde dat het persoonsgebonden budget voor individuele begeleiding aan appellant moet worden verstrekt en uitbetaald.
Daarnaast werd het college veroordeeld in de kosten van appellant, begroot op €1.194,- in bezwaar en €1.674,- in beroep, en werd het betaalde griffierecht van €50,- aan appellant vergoed.