ECLI:NL:CRVB:2023:1953
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toekenning algemene en bijzondere bijstand en kostenvergoedingen onder bewind
In deze bestuursrechtelijke zaak staat de beoordeling van de toekenning van algemene bijstand en bijzondere bijstand centraal, evenals de vraag of kostenvergoedingen voor bezwaar en beroep aan de bewindvoerder toekomen.
Appellante, onder bewind gesteld, vroeg algemene bijstand en bijzondere bijstand aan. Het college wees deze aanvragen deels af, waarna bezwaar en beroep volgden. De rechtbank vernietigde het besluit over de ingangsdatum en hoogte van de bijstand deels en stelde zelf vast. Het hoger beroep richt zich op de hoogte van de algemene bijstand, de afwijzing van bijzondere bijstand voor waskosten over november 2019, en de weigering van kostenvergoedingen.
De Raad oordeelt dat de voorlopige teruggave van de algemene heffingskorting terecht als inkomen is meegeteld bij de bijstand, ondanks dat het een voorlopige teruggave betreft. De bijzondere bijstand voor waskosten is terecht afgewezen omdat de kosten ten tijde van de aanvraag al voldaan waren. Verder is het optreden van de bewindvoerder geen beroepsmatige rechtsbijstand als bedoeld in het Besluit proceskosten bestuursrecht, waardoor geen bezwaarkostenvergoeding of proceskostenveroordeling toekomt.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Appellante krijgt geen wijziging in de bijstand, geen bijzondere bijstand voor waskosten en geen vergoeding van bezwaar- of proceskosten.
Uitkomst: De toekenning van algemene bijstand is juist, bijzondere bijstand voor waskosten wordt afgewezen, en er is geen recht op kostenvergoedingen voor de bewindvoerder.