Uitspraak
22.726 ZW
21 januari 2022, 21/2706 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
17 augustus 2022 en een rapport van de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep van 14 juni 2022.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante was ziek gemeld met psychische en lichamelijke klachten na een verkeersongeval en ontving een Ziektewetuitkering. Het UWV besloot de uitkering te beëindigen omdat zij meer dan 65% van haar oude loon zou kunnen verdienen op basis van geselecteerde functies. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, maar appellante ging in hoger beroep.
In hoger beroep stelde appellante dat haar beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld en dat de geselecteerde functies niet passend waren, met name de functie productiemedewerker schakelaars vanwege lawaai en afleiding. De Raad concludeerde dat het medisch oordeel van het UWV juist was, maar dat de arbeidsdeskundige onvoldoende had gemotiveerd dat deze functie geschikt was.
Door het vervallen van deze functie veranderde de berekening van het verdienvermogen, waardoor appellante minder dan 65% van haar oude loon kan verdienen. De Raad vernietigde het eerdere besluit en herroept de beëindiging van de uitkering per 29 januari 2021. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering per 29 januari 2021 wordt herroepen en de uitkering blijft gehandhaafd.