ECLI:NL:CRVB:2023:565
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten rechtsbijstand buiten Wrb-voorziening
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor kosten van rechtsbijstand die niet onder de Wet op de rechtsbijstand (Wrb) vallen. Het college wees de aanvraag af omdat de Wrb een passende en toereikende voorliggende voorziening is en appellant geen gebruik heeft gemaakt van een toegevoegde rechtsbijstandverlener.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en handhaafde het besluit. Appellant stelde in hoger beroep dat hij niet vrij is in zijn keuze van rechtshulpverlener vanwege verrekening van proceskostenveroordelingen, maar dit verweer werd door de Raad verworpen.
De Raad oordeelt dat de Wrb als voorliggende voorziening geen afbreuk doet aan de vrijheid van keuze, maar dat de gevolgen van het niet gebruiken van een toegevoegde advocaat voor rekening van appellant blijven. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor kosten rechtsbijstand buiten de Wrb is terecht afgewezen.