ECLI:NL:CRVB:2017:2007
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor kosten rechtsbijstand buiten Wet op de rechtsbijstand
Appellante diende een aanvraag in voor bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet voor een eigen bijdrage in de kosten van rechtsbijstand verleend door een organisatie buiten de Wet op de rechtsbijstand (Wrb). Het college wees deze aanvraag af omdat appellante geen gebruik had gemaakt van de voorliggende voorziening Wrb, die passend en toereikend wordt geacht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel in hoger beroep. De Raad overwoog dat de kosten waarvoor bijzondere bijstand werd gevraagd niet de eigen bijdrage op grond van een toevoeging Wrb betroffen, maar kosten van rechtsbijstand buiten de Wrb. Appellante had de vrije keuze om een andere rechtshulpverlener te kiezen, maar de kosten hiervan komen voor eigen rekening.
Verder oordeelde de Raad dat er geen sprake was van schending van het recht op vrije keuze of van artikel 1 van Pro het Eerste Protocol EVRM, omdat geen gerechtvaardigde verwachting op een aanspraak bestond. Ook artikel 6 EVRM Pro was niet van toepassing omdat het niet ging om een strafrechtelijke procedure. Prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie werden afgewezen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand voor kosten rechtsbijstand wordt bevestigd.