ECLI:NL:CRVB:2024:1029
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking behandelend rechter in hoger beroep sociale zekerheidszaak afgewezen
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam en vervolgens een verzoek om uitstel van de zitting op 2 april 2024 ingediend vanwege gezondheidsklachten. De behandelend rechter heeft niet op het uitstelverzoek beslist, waarna verzoeker wraking heeft gevraagd. De wrakingskamer heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld.
De wrakingsgrond moest gebaseerd zijn op feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de rechter in twijfel konden trekken. Uit het dossier bleek dat het uitstelverzoek niet tijdig bij de rechter was aangekomen vanwege administratieve vertraging bij de griffie, maar dit was geen aanwijzing voor vooringenomenheid.
De wrakingskamer concludeerde dat de rechter vermoedelijk onpartijdig is en dat er geen uitzonderlijke omstandigheden waren die dit vermoeden konden doorbreken. Het verzoek om wraking werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van de behandelend rechter is afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.