ECLI:NL:CRVB:2024:1295
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Beslissing op verzoek om wraking na openbaarmaking uitspraak in hoger beroep
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland in een zaak tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep deed op 29 mei 2024 uitspraak in deze hoger beroepszaak.
Op 19 juni 2024 diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de behandelend rechter. Volgens artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan een rechter worden gewraakt op grond van feiten die de onpartijdigheid kunnen schaden.
Echter, artikel 3, vierde lid, van de Wrakings- en verschoningsregeling bestuursrechterlijke colleges 2022 bepaalt dat een wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen indien het na de openbaarmaking van de einduitspraak is ingediend. Omdat de uitspraak op 29 mei 2024 openbaar werd gemaakt en het verzoek pas op 19 juni 2024 werd gedaan, is het verzoek niet ontvankelijk verklaard.
De Centrale Raad van Beroep heeft daarom besloten het wrakingsverzoek niet in behandeling te nemen en heeft geen proceskosten aan de zijde van verzoeker opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om wraking wordt niet in behandeling genomen omdat het na de openbaarmaking van de uitspraak is ingediend.