Uitspraak
BESLISSING
- verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant woonde met zijn ouders in een woning en vroeg om een strook grond als maatwerkvoorziening voor toegankelijkheid. Het college van burgemeester en wethouders van Eemsdelta kon deze grond niet verstrekken omdat zij niet langer in bezit was van de gemeente. Het college verklaarde het bezwaar van appellant niet-ontvankelijk. De rechtbank vernietigde dit besluit en verklaarde het bezwaar ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in en vorderde schadevergoeding omdat hij meent door het handelen van het college benadeeld te zijn. Het college stelde voorwaardelijk incidenteel hoger beroep in. De Centrale Raad van Beroep beoordeelde ambtshalve het procesbelang van appellant en concludeerde dat appellant geen actueel en reëel belang meer heeft omdat hij inmiddels verhuisd is naar een andere gemeente.
Verder stelde appellant immateriële en materiële schade te hebben geleden, maar hiervan is geen bewijs geleverd dat hij zelf schade heeft geleden. De Raad verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet terugbetaald.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang en het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen.