ECLI:NL:CRVB:2024:1516
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inhoudingen op bijstand voor aflossing vordering en beslag
De Centrale Raad van Beroep heeft op 16 juli 2024 uitspraak gedaan in het hoger beroep van appellant tegen het college van burgemeester en wethouders van Haarlem over inhoudingen op zijn bijstand ten behoeve van de aflossing van vorderingen en de uitvoering van beslag.
Appellant maakte bezwaar tegen uitkeringsspecificaties van mei, juli, augustus en oktober 2021, waarbij het college bedragen inhoudde voor aflossing van een vordering en ter uitvoering van beslaglegging door een deurwaarder namens Ziggo. De Raad oordeelde dat uitkeringsspecificaties alleen besluiten zijn indien er wijzigingen optreden ten opzichte van eerdere specificaties of besluiten. In dit geval waren sommige specificaties geen besluiten omdat er geen wijzigingen waren.
Verder bevestigde de Raad dat het college als derde-beslagene verplicht is medewerking te verlenen aan het beslag en dat het college binnen het kader van het beslag is gebleven. Het college heeft volgens de Raad zorgvuldig de beslagvrije voet beoordeeld aan de hand van de leefsituatie van appellant, die als dak- en thuisloze een afwijkende beslagvrije voet van 47,5% van de gehuwdennorm hanteert.
Appellant kan de omvang van het beslag betwisten bij de civiele rechter. De Raad verwierp het beroep van appellant dat de uitkeringsspecificaties onvoldoende waren gemotiveerd en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de inhoudingen op de bijstand blijven gehandhaafd.