Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
deze uitspraak en bepaalt dat beroep tegen dit besluit slechts bij de Raad kan worden
ingesteld;
vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellante vroeg hernieuwd een Wajong-uitkering aan wegens vermeende toename van haar arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na intrekking van haar eerdere uitkering in 2006. Het UWV wees de aanvraag af, stellende dat er geen toename was vanuit dezelfde ziekteoorzaak. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens onzorgvuldig medisch onderzoek, maar liet de rechtsgevolgen in stand.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar klachten wel waren toegenomen, onderbouwd met medische rapporten en een expertiserapport. Het UWV handhaafde zijn standpunt. De Raad beoordeelde de medische stukken opnieuw en concludeerde dat de duurbelastbaarheid van appellante in de relevante periode beperkt was tot 20 uur per week, terwijl het intrekkingsbesluit uitging van een belastbaarheid van 40 uur. Hierdoor was er wel degelijk sprake van toegenomen beperkingen uit dezelfde ziekteoorzaak binnen vijf jaar.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing op het bezwaar moet nemen, waarbij het moet uitgaan van de toegenomen beperkingen. Tevens werd bepaald dat tegen deze nieuwe beslissing alleen beroep bij de Raad mogelijk is en dat het betaalde griffierecht aan appellante wordt vergoed.
Uitkomst: Het UWV moet de Wajong-aanvraag opnieuw beoordelen met inachtneming van de toegenomen beperkingen binnen vijf jaar na intrekking.