ECLI:NL:CRVB:2024:451
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op hoger ouderdomspensioen wegens ontbreken duurzaam gescheiden leven
Appellant ontvangt sinds 2014 een ouderdomspensioen voor gehuwden. Na melding van een verhuizing van zijn echtgenote onderzocht de Sociale Verzekeringsbank (Svb) of appellant duurzaam gescheiden leefde, wat bepalend is voor het recht op een hoger pensioen voor ongehuwden. De Svb stopte aanvankelijk de uitbetaling vanaf september 2021, maar herstelde deze met terugwerkende kracht vanaf 27 december 2021. Appellant vorderde een hoger pensioen en compensatie.
De rechtbank stelde vast dat appellant en zijn echtgenote niet duurzaam gescheiden leven, ondanks verschillende woonadressen. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en benadrukt dat duurzaam gescheiden leven inhoudt dat ten minste één partner de huwelijkse samenleving wil verbreken, beiden een eigen leven leiden alsof ze niet gehuwd zijn, en dat deze situatie als blijvend wordt bedoeld. Dit was niet het geval op 27 december 2021.
Appellant erkende dat de situatie eind 2021 niet aan deze criteria voldeed, hoewel het contact later verslapte. De Raad wijst ook het verzoek om compensatie af, omdat de procedure uitsluitend ziet op het pensioenbesluit en niet op schadevergoeding, waarvoor een apart verzoek bij de Svb mogelijk is. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en appellant krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Appellant heeft geen recht op een hoger ouderdomspensioen of compensatie wegens het ontbreken van duurzaam gescheiden leven.