Uitspraak
OVERWEGINGEN
27 december 2021 ongegrond verklaard.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam als heftruckchauffeur en later logistiek medewerker, meldde zich ziek na een bedrijfsongeval en vroeg een WIA-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV wees de aanvraag af omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht, gebaseerd op een Functionele Mogelijkhedenlijst en een arbeidsdeskundig onderzoek.
Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en zijn beperkingen werden onderschat. Na een hoorzitting en aanvullend onderzoek bevestigde het UWV het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld.
In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunten en overhandigde nieuwe medische stukken, die echter te laat werden ingediend en niet werden toegelaten. De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het onderzoek zorgvuldig was, de beperkingen juist waren vastgesteld en de geselecteerde functies passend waren. Het hoger beroep werd afgewezen en de afwijzing van de WIA-uitkering bleef in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.