ECLI:NL:CRVB:2025:134
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- E. Dijt
- T. Dompeling
- S.B. SmitColenbrander
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen behandelend rechter in TOZO-zaken wegens ontbreken van vooringenomenheid
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de behandelend rechter in een hoger beroep over de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers (TOZO). Zij stelde dat de rechter vooringenomen was vanwege vermeende bevoordeling van het college van burgemeester en wethouders, persoonlijke verhoudingen tussen de gemachtigde en de rechter uit studietijd, en twijfels over de deskundigheid van de rechter op het gebied van TOZO.
De Raad heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van de Algemene wet bestuursrecht en de Wrakings- en verschoningsregeling bestuursrechtelijke rechtscolleges 2022. Uit het proces-verbaal bleek dat de rechter neutraal heeft gereageerd op vragen over het niet verschijnen van het college en dat er geen aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid. Ook was er geen onderbouwing voor de vermeende persoonlijke vooringenomenheid en werd de twijfel over de deskundigheid van de rechter niet als zwaarwegende omstandigheid gezien.
De Raad concludeerde dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bestaat en wees het wrakingsverzoek af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De beslissing werd uitgesproken door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 7 januari 2025.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.