Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
- de (wijze van verkrijging van) twee onroerende zaken die in 2001 en 2009 op naam van de Stichting X (stichting) zijn gezet – van welke stichting appellant, zijn vader en zijn broer de bestuurders zijn – welke onroerende zaken destijds door de stichting zijn aangekocht voor een bedrag van ƒ 1.250.000,-, respectievelijk € 345.000,-;
- een door appellant op 17 november 2004 ontvangen schadevergoeding van € 15.000,-;
- kasstortingen op de bankrekening van de stichting in de periode van 1 januari 2008 tot en met 1 augustus 2011 tot een bedrag van € 379.354,76,-.