ECLI:NL:CRVB:2025:409
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing pgb-aanvraag voor specialistische jeugdhulp door grootmoeder bevestigd
Appellante, een minderjarige met een licht verstandelijke beperking en ADHD, vroeg een persoonsgebonden budget (pgb) aan voor jeugdhulp die door haar grootmoeder verleend zou worden. Het college wees deze aanvraag af omdat de benodigde zorg specialistisch van aard is en niet door de grootmoeder kan worden geleverd.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond en stelde dat het college op goede gronden heeft gehandeld. Appellante ging in hoger beroep en stelde dat de specialistische hulp niet werd verleend, waardoor thuishulp noodzakelijk was.
De Raad oordeelt dat begeleiding in de thuissituatie niet de jeugdhulp is die volgens het onderzoek nodig was en dat het college terecht heeft geweigerd de kosten van de thuisbegeleiding door de grootmoeder te vergoeden. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de pgb-aanvraag voor specialistische jeugdhulp door de grootmoeder.