ECLI:NL:CRVB:2025:479
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking niet in behandeling genomen wegens ontbreken rechterlijke beslissing
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam en verzocht om vrijstelling van het griffierecht. De griffier van de Raad heeft het beroep op betalingsonmacht voorshands afgewezen en verzoeker meerdere malen gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht.
Verzoeker diende vervolgens een verzoek om wraking in, stellende dat hij ten onrechte geen vrijstelling kreeg en dat op zijn e-mails hierover niet werd gereageerd. De wrakingskamer overweegt dat het verzoek om wraking geen betrekking heeft op een rechterlijke beslissing, aangezien alleen een beslissing van de griffier is genomen.
Op grond van de toepasselijke wet- en regelgeving kan een verzoek om wraking worden afgewezen zonder zitting als het geen betrekking heeft op een met de zaak belaste rechter. Daarom wordt het verzoek om wraking niet in behandeling genomen. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om wraking wordt niet in behandeling genomen omdat nog geen rechterlijke beslissing is genomen.