ECLI:NL:CRVB:2026:21
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet-duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Appellant vroeg op 23 juli 2021 een Wajong-uitkering aan wegens hoofdpijn en concentratiestoornissen, ondersteund door medische rapporten. Het UWV concludeerde na onderzoek dat appellant op dat moment geen arbeidsvermogen had, maar dat deze situatie niet duurzaam was vanwege mogelijke behandelingen en herstel.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en handhaafde het besluit van het UWV. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet in staat was om een uur aaneengesloten te werken en niet vier uur per dag belastbaar was, maar kon dit niet met concrete medische gegevens onderbouwen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam was, mede omdat cognitieve gedragstherapie en medicatie perspectief bieden op verbetering. Het hoger beroep werd verworpen en de weigering van de Wajong-uitkering bleef in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.