In deze zaak gaat het om de toekenning van een IVA-uitkering aan appellante met terugwerkende kracht per 18 november 2018. Appellante heeft op 18 november 2019 een WIA-uitkering aangevraagd, terwijl het Uwv heeft vastgesteld dat zij per 9 oktober 2009 volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is. De Raad voor de Rechtspraak oordeelt dat het Uwv de IVA-uitkering terecht per 18 november 2018 heeft toegekend. Daarnaast is er een verzoek om schadevergoeding ingediend wegens overschrijding van de redelijke termijn. De Raad heeft vastgesteld dat de redelijke termijn met zeven maanden is overschreden, wat leidt tot een schadevergoeding van € 1.000,-. De uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 13 maart 2024, die het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaarde, wordt bevestigd. De Raad heeft de Staat der Nederlanden veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding en de proceskosten van appellante.