ECLI:NL:CRVB:2026:956
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens weigering algemeen geaccepteerde arbeid
Appellant en X ontvingen bijstand sinds 2017. X kreeg via een jobcoach een proefplaatsing bij een werkgever en vervolgens een arbeidsovereenkomst aangeboden voor 24 uur per week tegen het minimumloon. X weigerde dit aanbod omdat zij vond dat het loon niet passend was bij haar kennis en ervaring.
Het college legde daarop een maatregel op door de bijstand met 100% te verlagen voor twee maanden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het besluit in stand. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de aangeboden baan geen algemeen geaccepteerde arbeid was, dat er geen verwijtbaarheid was en dat er dringende redenen waren om de maatregel te matigen.
De Raad oordeelde dat de aangeboden baan reguliere arbeid tegen het minimumloon betrof en daarmee algemeen geaccepteerde arbeid is. Het enkele feit dat X meer loon wilde, gaf geen gerechtvaardigde reden tot weigering. Ook de reistijd was geen geldige reden. De Raad vond dat het college voldoende onderzoek had gedaan en dat de maatregel terecht was opgelegd. Het beroep werd afgewezen en de verlaging van de bijstand bleef van kracht.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% voor twee maanden wegens weigering van algemeen geaccepteerde arbeid wordt bevestigd.