ECLI:NL:GHAMS:2006:AU9281
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Bijlsma
- J.J.A.M. Kennis
- H.J. Bronkhorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aansprakelijkheid voor omzetbelasting na onttrekking goederen uit douane-entrepot
Naar aanleiding van het faillissement van belanghebbende voerde de douane een controle uit waarbij werd vastgesteld dat goederen vermeld op 42 aangiften niet meer volledig in het douane-entrepot aanwezig waren. Hierdoor konden de douaneambtenaren de wettelijk voorgeschreven controles niet uitvoeren, wat werd aangemerkt als onttrekking aan het douanetoezicht volgens artikel 18 van Pro de Wet op de omzetbelasting 1968 (Wet OB).
Belanghebbende voerde aan dat er geen sprake was van een fysieke onttrekking en dat de omvang van de goederen het onwaarschijnlijk maakte dat goederen waren onttrokken. Tevens stelde belanghebbende dat de inspecteur niet had bewezen dat de onttrekking in Nederland had plaatsgevonden. Het hof oordeelde echter dat de goederen tussen inslag en controle in Nederland waren onttrokken en dat de onttrekking een belastbaar feit vormt volgens de Wet OB en het Communautair douanewetboek (CDW).
Het hof verwees naar jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen en de Hoge Raad, waarin is vastgesteld dat onttrekking aan het douanetoezicht leidt tot een douaneschuld en daarmee tot omzetbelastingheffing. Belanghebbende is terecht als belastingplichtige aangemerkt en het beroep werd ongegrond verklaard.
De Douanekamer legde geen proceskosten op aan partijen en de beslissing werd op 3 januari 2006 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Belanghebbende is terecht aansprakelijk gesteld voor omzetbelasting wegens onttrekking van goederen uit het douane-entrepot.