ECLI:NL:GHAMS:2006:AV1517
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- E.F. Faase
- G.T.K. Meussen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens ontbreken inhouding dividendbelasting bij omwisseling aandelen beursfonds
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig doen van uitspraak op haar bezwaar inzake een vermeende inhouding en afdracht van dividendbelasting bij de omwisseling van aandelen in beursfondsen. Het geschil betreft een bedrag van ƒ 10.968 (€ 4.977) dat belanghebbende als ingehouden dividendbelasting beschouwt.
Het Hof heeft uitgebreid onderzoek gedaan, waaronder het horen van getuigen en het bestuderen van een vaststellingsovereenkomst tussen de Belastingdienst en betrokken partijen. Uit deze overeenkomst en de verklaringen blijkt dat de betaling van ƒ 685 miljoen door KNV aan de Staat uitsluitend betrekking had op een latente vennootschapsbelastingschuld van de houdstermaatschappijen A NV en B NV. Er is geen aannemelijk bewijs dat sprake was van een inhouding van dividendbelasting op naam van belanghebbende.
Het Hof oordeelt dat belanghebbende niet-ontvankelijk is in haar bezwaar omdat geen sprake is van een aanslag of inhouding van belasting ten name van haar. Ook de procedurele klachten over het horen en inzage in stukken worden verworpen, aangezien de inspecteur voldoende bereidheid toonde en de stukken ter inzage zijn gesteld. Het beroep wordt gegrond verklaard voor het niet tijdig doen van uitspraak, maar voor het overige ongegrond verklaard. De inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Belanghebbende is niet ontvankelijk in haar bezwaar wegens het ontbreken van een inhouding van dividendbelasting en het beroep wordt ongegrond verklaard.