ECLI:NL:GHAMS:2008:BC8612
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.D.L. Nuis
- M.J.L. Mastboom
- D.J.M.W. Paridaens
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na wapensmokkelveroordeling
De veroordeelde is eerder veroordeeld voor het medeplegen van handelen in strijd met de Wet wapens en munitie, met een gevangenisstraf van vier jaar. De officier van justitie vorderde ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat op maximaal €11.344,-.
Het hof heeft het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €11.344,51, gebaseerd op een vermogensvergelijking over de periode 1995-2000. Hierbij is gekeken naar het verschil tussen legale inkomsten en uitgaven, waarbij het meerdere als crimineel voordeel wordt aangemerkt.
Het hof overwoog dat de uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak Geerlings niet aan toepassing van artikel 36e, derde lid Sr, in de weg staat. Wel is rekening gehouden met een overschrijding van de redelijke termijn van ruim drie jaar en acht maanden tussen hoger beroep en arrest, wat heeft geleid tot een vermindering van het te betalen bedrag tot €10.436,95.
Het arrest vernietigt het vonnis waarvan beroep en bepaalt de ontnemingsverplichting opnieuw. De zaak betreft een complexe ontnemingsprocedure met meerdere betrokkenen en getuigenverhoren, wat het tijdsverloop deels verklaart.
Uitkomst: De ontnemingsverplichting van wederrechtelijk verkregen voordeel is vastgesteld op €10.436,95 na vermindering wegens termijnoverschrijding.