ECLI:NL:GHAMS:2008:BC8745
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechter onbevoegd voor schadevergoeding zonder beroep tegen aanslag
Belanghebbende had eerder met succes beroep ingesteld tegen aanslagen inkomstenbelasting en vermogensbelasting, waarbij schadevergoeding en proceskosten werden toegewezen. Later stelde belanghebbende een nieuwe vordering in voor een vergoeding van €34.000 met betrekking tot aanslagen over opvolgende jaren, zonder dat tegen deze aanslagen beroep was ingesteld.
De inspecteur stelde het beroep niet-ontvankelijk of ongegrond en vroeg subsidiair een lagere vergoeding vast te stellen. Tijdens de zitting werd bevestigd dat geen beroep was ingesteld tegen de aanslagen over de opvolgende jaren, waardoor het geschil niet binnen de bevoegdheid van de belastingrechter viel.
Het hof oordeelde dat op grond van artikel 23 juncto Pro 26 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 8:71 Awb Pro de belastingrechter alleen bevoegd is tot schadevergoeding bij een gegrond beroep tegen een aanslag of voor bezwaar vatbare beschikking. Omdat dat hier ontbrak, verklaarde het hof zich onbevoegd en verwees belanghebbende naar de burgerlijke rechter.
Proceskosten werden niet toegewezen aan een van de partijen. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hof verklaart zich onbevoegd en verwijst belanghebbende naar de burgerlijke rechter voor de schadevergoeding.