ECLI:NL:RBMAA:2012:BX4086
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.H.S. Ayre
- R.M.M. Kleijkers
- A.W. Oosterman
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank inzake verzoek tot terugbetaling betaalde baatbelasting na vernietiging grondslag
Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen een besluit van 3 oktober 2011 waarin de heffingsambtenaar van de gemeente Sittard-Geleen het verzoek tot terugbetaling van betaalde baatbelasting afwees. Deze baatbelasting was opgelegd op basis van de Verordening baatbelasting centrum Geleen 1997, welke later door de Hoge Raad als onverbindend werd verklaard. Eisers stelden dat de grondslag voor de baatbelasting ontbrak en dat terugbetaling daarom moest plaatsvinden.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit kan worden aangemerkt als een zuiver schadebesluit dat nauw samenhangt met de aanslagen baatbelasting. Echter, het toekennen van een vergoeding voor betaalde baatbelasting vindt niet plaats via een voor bezwaar vatbare beschikking ingevolge de belastingwet, waardoor de belastingrechter niet bevoegd is hierover te oordelen.
De rechtbank bevestigde dat de formele rechtskracht van de aanslagen baatbelasting in beginsel geldt, ook al is de Verordening later als onverbindend beoordeeld. Er is geen sprake van een uitzondering op deze rechtskracht, omdat de eisers niet alle beschikbare rechtsmiddelen tegen de aanslagen hadden benut. Ook het gelijkheidsbeginsel en verwijzingen naar het EVRM konden de bevoegdheid van de belastingrechter niet uitbreiden.
Daarom verklaarde de rechtbank zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en wees erop dat eisers zich tot de burgerlijke rechter moeten wenden voor hun vordering tot terugbetaling. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en wijst eisers erop dat zij hun vordering tot terugbetaling bij de burgerlijke rechter moeten instellen.