ECLI:NL:GHAMS:2008:BN5086
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- R.E. de Winter
- J.C.W. Rang
- Rechtspraak.nl
Bevestiging koopoptie bij overlijden ondanks samenwoning en huwelijk
In deze zaak staat centraal de uitleg en afdwingbaarheid van een in 1993 gesloten overeenkomst tussen twee eigenaren van appartementsrechten in een woonhuis, die elkaar een optierecht bij overlijden tegen een vaste prijs hebben gegeven. De appellant, die samenwoonde en later trouwde met een van de eigenaren, betoogde dat het niet de bedoeling was dat hij na het overlijden het appartement zou moeten verlaten.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst volgens de Haviltex-maatstaf moet worden uitgelegd en dat er geen aanwijzingen zijn dat de partijen een uitzondering voor de langstlevende partner hebben beoogd. Ook werd geoordeeld dat het huwelijk en de toedeling van het appartementsrecht aan de langstlevende de verplichtingen uit de overeenkomst niet hebben doen vervallen.
Verder werden bezwaren tegen de geldigheid van de overeenkomst, zoals strijd met openbare orde, misbruik van omstandigheden en nietigheid wegens gebrek aan schriftelijkheid, verworpen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank dat de koopoptie kan worden uitgeoefend en wees de gewijzigde vorderingen van appellant af.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de koopoptie bij overlijden geldt en wijst de vorderingen van appellant af.