ECLI:NL:GHAMS:2009:BK8478
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- P.F. Goes
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid inlener voor niet afgedragen loon- en omzetbelasting bij inlening Poolse arbeidskrachten
Belanghebbende werd aansprakelijk gesteld voor niet afgedragen loonbelasting, premie volksverzekeringen en omzetbelasting over de jaren 1997 en 1998, met betrekking tot werkzaamheden van Poolse arbeidskrachten die via een vennootschap onder firma (v.o.f.) werden ingezet. De Polen stonden formeel als vennoten ingeschreven, maar het Hof stelde vast dat zij feitelijk in dienstbetrekking stonden tot [Y], die hen ter beschikking stelde aan belanghebbende.
Na eerdere procedures, waaronder een vernietiging door de Hoge Raad en verwijzing naar het Hof Amsterdam, werd uitgebreid bewijs verzameld, waaronder getuigenverklaringen van de Poolse arbeidskrachten. Deze verklaringen wezen uit dat de Polen contant betaald werden per uur door [Y], geen debiteurenrisico liepen, en niet wisten dat zij als vennoten in de v.o.f. waren ingeschreven. De v.o.f.-constructie had geen reële betekenis.
Het Hof concludeerde dat belanghebbende als inlener aansprakelijk is op grond van artikel 34 van Pro de Invorderingswet 1990, omdat de Polen in dienstbetrekking stonden tot [Y] en onder toezicht van belanghebbende werkten. Daarnaast werd geoordeeld dat de naheffingsaanslag omzetbelasting terecht was vastgesteld op het algemene tarief, omdat de diensten niet vielen onder het lage tarief voor agrarische loonbedrijven.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Belanghebbende is terecht aansprakelijk gesteld voor niet afgedragen loon- en omzetbelasting over werkzaamheden van ingeleende Poolse arbeidskrachten.