ECLI:NL:GHAMS:2010:BM6653
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.M. Vrouwenvelder
- A. Bijlsma
- K. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over indeling tuinpaviljoens en procedurele motivering douanerecht
Belanghebbende, handelend namens T B.V., stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat de uitnodiging tot betaling (UTB) voor douanerechten onrechtmatig was wegens schending van het verdedigingsbeginsel en dat de tuinpaviljoens onjuist waren ingedeeld. De Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam oordeelde dat de UTB binnen het communautaire douanerecht viel en dat het beginsel van eerbiediging van de rechten van de verdediging was geschonden doordat belanghebbende vooraf niet was gehoord.
Desondanks werd geoordeeld dat deze procedurele tekortkoming niet tot vernietiging van de UTB leidde, omdat belanghebbende niet benadeeld was in haar verdedigingsmogelijkheden en de feiten niet ter discussie stonden. Wel werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Wat betreft de materiële beoordeling werd vastgesteld dat de tuinpaviljoens, met een verhemelte van polyester, analoog moesten worden ingedeeld onder GN-code 6306 99 00 ('van andere textielstoffen'), conform de indelingsverordening en jurisprudentie van het Hof van Justitie. De door belanghebbende voorgestane indeling onder 6601 10 00 (tuinparasols) werd verworpen. De rechtbankuitspraken werden vernietigd voor zover zij de proceskosten en griffierecht betroffen, maar bevestigd voor het overige.
Uitkomst: De UTB wordt bevestigd en de tuinpaviljoens worden ingedeeld onder GN-code 6306 99 00; procedurele fouten leiden niet tot vernietiging maar inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten.