ECLI:NL:GHAMS:2010:BN2344
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- H.E. Kostense
- H.N. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over afschrijving bedrijfspand en waardestijging ondergrond
In deze zaak stond centraal of belanghebbende bij de afschrijving van haar bedrijfspand rekening moest houden met de gestegen restwaarde van de ondergrond. De inspecteur stelde dat dit wel moest, terwijl belanghebbende betoogde dat zij de waardestijging niet zou realiseren omdat zij de bedrijfsuitoefening op dezelfde locatie zou voortzetten.
De rechtbank had belanghebbende in het gelijk gesteld en het belastbaar bedrag verminderd. De inspecteur ging in hoger beroep, waarbij ook een incidenteel hoger beroep van belanghebbende speelde over de bewijslastverdeling. Het Hof bevestigde het oordeel van de rechtbank en oordeelde dat de bewijslast bij belanghebbende ligt, omdat zij een belastingverminderende omstandigheid aanvoert.
Het Hof benadrukte dat goed koopmansgebruik in beginsel vereist dat rekening wordt gehouden met de waardestijging van de grond, maar dat een uitzondering geldt als aannemelijk is dat de waardestijging niet zal worden gerealiseerd omdat de grond dienstbaar blijft aan de bedrijfsuitoefening. Belanghebbende had dit aannemelijk gemaakt aan de hand van feiten over de locatie, de geschiedenis van het bedrijf, personeelsomstandigheden en uitbreidingsmogelijkheden.
Het Hof verwierp het standpunt van de inspecteur dat alleen bij locatiegebonden bedrijfsuitoefening zoals een hotel deze uitzondering geldt. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd met verbetering van de gronden. De inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 983 en tot betaling van griffierecht van € 448.
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat belanghebbende bij afschrijving geen rekening hoeft te houden met waardestijging van de ondergrond omdat zij aannemelijk heeft gemaakt dat zij de bedrijfsuitoefening ter plaatse voortzet.